De Gentse opstand in Brugge

Er is zeer veel geschreven over “Moord en politiek tijdens de Gentse opstand” Een relevante scène situeert een moord onder een Engelse vlag op de heer van Herzele (Arsele?). Deze was namelijk ontstemd door het plaatsen van de legerstandaard van de Engelse koning midden op de Vrijdagsmarkt. Als reactie werd hij neergeslagen met het wapenschild en op brutale wijze omgebracht door de Gentse gemeenschap.

Deze Gentse opstand bereikte een hoogtepunt in Brugge op 30 mei 1380. wanneer de ambachten van de vleeshouwers, de visverkopers, de makelaars en de pelsbewerkers, samen met het vaandel van de graaf van Vlaanderen in de hand, de opstandige wevers en de Gentenaars versloegen om het Graaf bevriende regime te herstellen (Chron. Commit. Flandre.). Het is dan ook overduidelijk dat de 3 witte klauwen op de manchetten van de Gentse strijders

zeker niet kunnen verwijzen naar de leeuw op het wapenschild van de graaf van Vlaanderen

maar wel naar de leeuwen op het wapenschild van de Engelse koning.

We vinden dit volledig weergegeven in het hierna volgend artikel dat zonder aanpassingen volledig werd overgenomen in het Latijn. De vrije vertaling, we zijn latinisten van jaren terug, werd uitgewerkt door Julius Clauwaert waarvoor onze welgemeende dank.


Corpus Chronicum Flandriae T I
J.J.S DE Smet MDCCCXXXVII

P236 237

Anno sequenti MCCCLXXX, die decima tertia Maii, venerunt Gandenses Brugis cum magna multitudine , et iverunt ad forum diei Veneris , quod tanquam castrum forte tenuerunt.

In het jaar 1380, de derde tiende (de dertigste) van mei, kwamen de Gentenaars met een grote menigte naar Brugge en ze gingen naar de vrijdagsmarkt (de markt van de dag van Venus=vrijdag) en ze hielden de markt stevig in handen als een militaire post (of citadel of militaire vestiging).

Brugenses vero congregaverunt se ad forum villae;et macellariis, pisicatoribus, civibus, grauwerkers, cortariis, makelaers, qui juxta forum villae commorabantur 1 congregatis, cum vexillo principis iverunt ad forum diei Veneris clamantes : ” Vlaendren ende Leeuwe. ” Gandenses vero clamabant: ” Edele clauwaerts slaet doot de Lelyaerts. “.

De Bruggelingen kwamen echter bijeen op het centrale (openbare) plein van de stad (de burcht?) en bleven daar tot de slagers, de vishandelaars, de vrije mannen (de burgers), de grauwerkers, de cortariis (?? en de makelaers allen verzameld waren en dan trokken ze, onder (de aanvoering) van de vlag (de legerstandaard) van de graaf (principis=overste = graaf ?) onder het roepen “Vlaanderen en de leeuw”naar de vrijdagsmarkt. De Gentenaars echter riepen “edele clauwaerts, slaat dood de Lelyaerts”.

Hic nota quod Joanes Hyoens, capitaneus Gandensium, dedit liberatam 1 seu liberturam vernaculis suis cum sequentibus manicam albam in sinistra, insertam peditum leonum nigris.

De (Gentenaars gebruikten) dit merkteken (=deze aanduiding), omdat Jan Hyoens, de kapitein van de Gentenaars langs de linkerkant een witte mouw, bedekt met het zwart van leeuwen die op hun poten lopen (te voet gaande leeuwen, leeuwen die te voet zijn;

in tegenstelling met de leeuw van de graaf van Vlaanderen die op zijn twee achterste poten staat, lopen de leeuwen van de Engelse koningen op hun vier poten).

Idcirco Gandenses clamaverunt : ” Och edel clauwaerts s1aet doot de Lelyaerts. ” Brugenses paulatim creverunt in per maximam multitudinem , et accedentes ad forum diei Veneris , partim ten B1eydelkine , partim ubi Bouverie, partim der W ulfarde poort, N oortsantstraete, partim ex parte sancti Salvatoris, et dicti Brugenses ex parte occidentali super Gandenses venientes ceperunt et coëgerunt eos vi retrocedere de foro, quia non potuerunt fugere. Et Brugenses super eos irruentes submerserunt et collum frangere praecipites fecerunt. Et sic Brugenses triumphaverunt de Gandensibus.Unde fuit proverbium et cantus puerorum :
Daarom riepen de Gentenaars ” Och edel clauwaerts s1aet doot de Lelyaert “.

De Bruggelingen groeiden stilaan aan tot een zeer grote menigte en ze naderden de Vrijdagmarkt vanuit verschillende richtingen, gedeeltelijk vanuit de Bleydelkine , gedeeltelijk vanwaar de Bouverie was, gedeeltelijk uit de Wulfarde poort, de Noordsandstraete, en ook een gedeelte uit de heilige Salvator kerk en de zingende Bruggelingen uit het uit het westelijk gedeelte (bij avondzon ?) liepen op de Gentenaars (overvielen de Gentenaars), omsingelden hen, sloten hen in en deden hen samentroepen op het plein (dreven hen samen op het plein) omdat zij niet konden vluchten. En de Bruggelingen storten zich op de Gentenaars (overmeesterden hen) sloegen hen neer zodat zij hun nek braken bij het voorover vallen. En zo triomfeerden de Bruggelingen op de Gentenaars. En ten gevolge van deze gebeurtenis ontstond er een spreuk en een kinderlied:

Och Clauwaert, Clauwaert
Hoed U van den Lelyaert
Gaet gy niet t’huuswaert
Ghy laet er uwen tabbaert
Et prima die Junii, Gandenses …dat is dan een ander verhaal…

1 Cod.Brug. vernaculis sius,,qui

Ter bevestiging van het voorgaande werd door Julius juist voor het publiceren van dit artikel volgende gegevens toegezonden.

Akten der Hansetage van 1256-143 aanwezig in het stadsarchief te Brugge:

Nr 205 en 206 zijn brieven die door Hanse vertegenwoordiger uit Brugge geschreven zijn naar hun thuissteden; zij melden dat de Gentenaars Brugge zijn binnen gevallen op de dinsdag na Sacramentsdag 1380 (dit is 29 mei 1380); de brief 206 van 31 mei meldt dat de aanval van de Gentenaars afgeslagen is.

Zij vermelden ook expliciet dat de slag plaats heeft gehad op de Vrijdagmarkt